De Vrienden

van de Sint-Sulpitius

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte

Jaarboek 2010: Oranje-Nassau, Prins Filips-Willem en Diest

E-mailadres Afdrukken PDF

Cover Jaarboek 2010

In 1984 schreef wijlen Fernand Hermans, voorzitter van de Vrienden van de Sint-Sulpitiuskerk Een katholieke prins van Oranje begraven in Diest, uitgegeven als jaarboek 8 van onze vereniging. Dit werk kende nog twee heruitgaven, maar is momenteel niet meer verkrijgbaar. De belangstelling in onze stad voor het huis van Oranje-Nassau en vooral voor prins Filips -Willem liggen aan de basis van de huidige publicatie. De Vrienden stonden voor de keuze: hetzij het werk van Hermans te laten herdrukken, hetzij een nieuw boek te maken. De keuze viel op de tweede optie, vooral omdat de historische kennis rond de te Diest begraven prins in de loop der jaren geëvolueerd is. Dit nieuwe boek laat ook toe gebruik te maken van nieuw illustratiemateriaal en vooral van kleurenfoto’s. Het boek is opgevat als een werk voor een ruim publiek. Het is wetenschappelijk verantwoord, maar omwille van de leesbaarheid werd een voetnotenapparaat achterwege gelaten.

De familie Nassau, ontstaan in de 12de eeuw rond de gelijknamige burcht in de vallei van de Lahn (Duitsland), verwierf vooral door een uitgekiende huwelijkspolitiek tijdens de late middeleeuwen macht en aanzien. Vanaf de 15de eeuw waren de Nassaus ook actief in de Nederlanden, waar ze zich tot trouwe dienaren van de Bourgondische hertogen ontpopten. In het kielzog van deze hertogen vergrootten zij hun macht en tegelijkertijd ook hun patrimonium in onze gewesten.

 

Met Diest en met de heren van Diest daarentegen ging het in omgekeerde richting. Deze belangrijke Brabantse familie stierf in de loop van de 15de eeuw bij gebrek aan mannelijke opvolgers uit. De stad zelf kampte vanaf het midden van de eeuw met een economische regressie te wijten aan de terugval van de erg arbeidsintensieve lakennijverheid. Toen er in 1496 een opstand van de ambachten uitbrak, reageerde de toenmalige heer Willem van Gullik bijzonder hardhandig. Dit lokte dan weer een reactie uit van de hertog van Brabant die zijn medewerker graaf Engelbrecht II van Nassau op onderzoek uitstuurde. Engelbrecht en Willem gooiden het op een akkoord en in 1499 werd Engelbrecht II officieel als heer van Diest gehuldigd.

Het huwelijk van Hendrik III van Nassau met Claudia van Chalon zorgde ervoor dat hun zoon René zich in 1538 de eerste prins van Oranje-Nassau kon noemen. Met zijn opvolger, Willem van Oranje, kwam Diest in de storm rond de opstand van de Nederlanden tegen Spanje terecht. De stad betaalde een zeer zware tol tijdens het laatste derde van de 16de eeuw. Willem van Oranje, die zelf in 1567 uit de Nederlanden was vertrokken, had zijn oudste zoon Filips- Willem aan de Leuvense universiteit achtergelaten. Hij werd er op bevel van de Spaanse koning weggehaald en naar Spanje overgebracht.

Het leven van prins Filips - Willem kan men op zijn minst tragisch noemen. Opgegroeid in Spanje, kon hij pas in 1596, vele jaren na de moord op zijn vader, naar de Nederlanden terugkeren. Hier werd hij geconfronteerd met de oorlog tussen noord en zuid. Zijn halfbroer, Mauritis van Nassau, was de leider van het verzet tegen Spanje. Het duurde jaren eer hij in het bezit kwam van een deel van zijn heerlijkheden. Zijn huwelijk met de Franse prinses Eleonora van Bourbon bleef kinderloos. Filips - Willem overleed in februari 1618 te Brussel na een verkeerde medische handeling. Zijn dood was al even tragisch als zijn hele leven. Prins Filips - Willem van Oranje-Nassau werd volgens zijn testament op 1 april 1618 met de nodige luister in de Sint-Sulpitiuskerk te Diest begraven.

Na Filips - Willem kwam Diest in handen van wat men gemakkelijkheidshalve de voorgangers van het Nederlandse vorstenhuis kan noemen. Er was enkel een kort intermezzo onder een katholieke tak van de familie tijdens de Dertigjarige Oorlog. De banden tussen heren en stad waren in de 17de en 18de eeuw louter formeel en verliepen via ambtenaren. Rechtstreekse contacten, laat staan bezoeken, waren onbestaande. De Diestenaren betaalden wel, zoals dit sinds de 16de eeuw het geval was, trouw hun taksen aan wat voor hen totaal vreemde heren waren.

Het was dan ook niet verwonderlijk dat, wanneer de Fransen in 1794 onze gewesten bezetten, de inwoners het eerst de prinselijke bezittingen aansloegen om er een Franse oorlogsbelasting mee te betalen. Een symbolisch einde van de eeuwenlange feodaliteit. Kort voor de Belgische onafhankelijkheid, bezocht koning Willem I in 1829 zijn Oranjestad en tegelijkertijd ook het graf van zijn verre verwant. Na 1830 waren de Oranjes geruime tijd taboe in België en zo raakte ook Filips - Willem in de vergetelheid.

Na de Tweede Wereldoorlog kwam er een einde aan de ongestoorde rust van Filips - Willem. Onder impuls van enkele lokale personaliteiten werden initiatieven genomen om de katholieke prins van Oranje in ere te herstellen en om de banden met het Nederlandse vorstenhuis aan te halen. Men opende enkele malen de grafkelder, ja zelfs de lijkkist, en men lanceerde allerlei plannen voor restauratie en voor de oprichting van een praalgraf. Verder dan een nieuwe grafsteen ter gelegenheid van de stichting van de Unie der Oranjesteden in 1965 kwam men echter niet. Filips - Willem mocht in vrede blijven rusten. Toch was het thema ‘Oranje’ voortaan een begrip in het Diestse cultuurleven geworden. De stad profileerde zich meer en meer als Oranjestad, ook met het oog op de toeristische uitstraling ervan.

De Vrienden van de Sint-Sulpitiuskerk hebben steeds een bijzondere aandacht gehad voor hun prins Filips - Willem van Oranje-Nassau, die in het koor van de kerk begraven ligt. In 2008 werd zo het eeuwigdurend jaargetijde, indertijd bij testament door Filips - Willem zelf gesticht, maar dat totaal in onbruik was geraakt, in ere hersteld. Rond het graf werd een kleine tentoonstelling gemaakt die de bezoeker een beter inzicht moet geven in deze voor velen onbekende Oranjetelg. Ook deze publicatie moet in die zin bekeken worden.Dit boek is niet alleen het werk van één auteur, maar wel van een ganse ploeg binnen het bestuur van de Vrienden van de Sint-Sulpitiuskerk. Zo leverden Fons Bonroy, Peter Claes en Johan Van der Eycken een belangrijk deel van de foto’s, onderwierp Maurice Ilegems de tekst aan zijn kritische blik en zorgden Danique Moors en Johan Van der Eycken voor de lay-out. Dit alles gebeurde onder de coördinatie van Fons Bonroy. Een bijzonder woord van dank gaat ook uit naar het Stedelijk Museum de Hofstadt te Diest en naar onze sympathieke vriend Cees Hoogteyling uit Buren voor het vriendelijk ter beschikking stellen van fotomateriaal.

Diest, december 2009

Dr. Michel Van der Eycken

Auteur: Michel Van der Eycken
Titel:
Oranje-Nassau, Prins Filips-Willem en Dies
Jaar van uitgave: 2010
Kostprijs: 15 euro
Beschikbaarheid: Balie in de Sint-Sulpitiuskerk te Diest

 

 

Onze toekomstige activiteiten:

Geen evenementen

Banner